wat is cochleaire doofheid?

‘Horen’ is het waarnemen van geluid. Geluid zijn trillingen van de lucht. De gehoorgang van het oor registreert deze trillingen en stuurt ze als elektrische signalen naar de hersenen. De hersenen ‘vertalen’ deze signalen vervolgens naar geluid of spraak. Er zijn verschillende vormen van doofheid. De meest bekende is “ouderdomsdoofheid”, maar je kunt ook doof worden door langdurige oorontsteking, doorboringen van, of afwijkingen aan, het trommelvlies. Bij een aantal diersoorten is er een relatie tussen vachtkleur en doofheid. 

Doofheid die samenhangt met de vachtkleur ontstaat door verminderde bloedtoevoer van het middenoor (cochlea) op de leeftijd van drie tot vier weken. Waarschijnlijk komt dit doordat er plaatselijk bepaalde cellen niet aanwezig zijn. Daardoor kunnen de haren die de geluidstrillingen waarnemen en doorgeven aan de hersenen niet aangemaakt worden. Dit leidt tot doofheid. Bij honden met de vachtkleuren wit (albino) en merle of piebald zien we dit vaker dan bij honden met een andere vachtkleur. 

 

de baer test

Congenitale (aangeboren) doofheid kan eenzijdig of aan beide kanten voorkomen. Vooral eenzijdige doofheid is moeilijk vast te stellen zonder speciaal onderzoek. De Brain stem Auditory Evoked Response (BAER) test levert een objectieve en reproduceerbare - en dus betrouwbare - indruk op van de gehoorfunctie van de (jonge) hond.

Bij de BAER test krijgt de hond onder (lichte)verdoving geluidsprikkels toegediend. Tijdens het toedienen van deze geluidsprikkels wordt de hersenactiviteit gemeten. Zo kun je zien of de hond het geluid kan waarnemen.

Bij een aantal rassen is bekend dat het voorkomt én hebben de rasverenigingen aangeven dat het belangrijk is om dit te voorkomen. Het is verstandig om bij honden van de volgende rassen dit onderzoek uit te voeren: Australian Cattle dog, Bull Terrier, Dalmatische Hond en Parsson Jack Russel.